Berichten februari2014

Hoger bewustzijn in Summer School 2014

De vierde editie van de Summer School van de fotokring wordt gewijd aan Stephen Shore. Deze Amerikaanse fotograaf had en heeft grote invloed op veel kunstfotografen. Shore was belangrijk in de acceptatie van kleurenfotografie in de kunstwereld. Hij was een van de fotografen van de groep die in 1975 exposeerde als New Topographics en hielp het begrip ‘dead pan’ fotografie te verspreiden.
Shore gebruikt de technische camera om situaties vast te leggen waarin de tijd gecomprimeerd lijkt: “I discovered that this camera was the technical means in photography of communicating what the world looks like in a state of hightened awareness”. Dit begrip “staat van hoger bewustzijn” gebruikt hij frequent in interviews. Tijdens de summer school gaan we dit fenomeen samen onderzoeken.
Shore is ook interessant omdat hij bijgedragen heeft aan de ontwikkeling van beeldbeoordeling. Sinds 1982 combineert hij het fotograferen met doceren. Hij heeft een bekend werk gepubliceerd over het beoordelen en interpreteren van foto’s onder de titel “The nature of photographs”. Ook dat gaan we onderzoeken.

Dit jaar wordt voor de vierde keer een Summer School gehouden onder leiding van Ton van Vroonhoven. Eerdere edities gingen over onderzoek naar tien uiteenlopende fotografen, over de wondere wereld van Rinko Kawauchi en de moeilijk te evenaren fotografie van de groep f64.

Biografie

Een korte biografie, ontleend aan de beschrijving op de Engelstalige Wikipedia:
Stephen Shore was al vroeg geïnteresseerd in fotografie. Hij kreeg zijn eerste doka van een oom toen hij zes jaar was. Drie jaar later begon hij in kleinbeeld in kleur te fotograferen. Op zijn tiende kreeg hij het boek American Photographs van Walker Evans en dat had grote invloed op hem. 
Op zijn veertiende presenteerde hij een serie foto’s aan Edward Steichen, fotografiecurator aan het New Yorkse Museum of Modern Art. Steichen kocht direct drie foto’s. Op zijn zeventiende ontmoette hij Andy Warhol en hij bezocht regelmatig diens The Factory waar hij Warhol en de creatievelingen om hem heen fotografeerde.
In 1971, op 24-jarige leeftijd, werd hij de tweede fotograaf die bij leven mocht exposeren in het Metropolitan Museum of Art.
Begin zeventiger jaren maakte Shore een aantal tochten door de Verenigde Staten en dat wakkerde zijn interesse voor kleurenfotografie verder aan. Hij begon straten en plaatsen die hij passeerde vast te leggen met kleinbeeld, stapte over op het 4 x 5 inch formaat en eindigde bij het nog grotere 8 x 10 inch. Foto’s werden gepubliceerd in het boek Uncommon Places uit 1982. Het werd een bijbel voor de in kleur geïnteresseerde kunstfotografen. Veel fotografen, waaronder Nan Goldin, Andreas Gursky, Martin Parr, Joel Sternfeld en Thomas Struth zijn door hem beïnvloed.